De beide Texelse stamboeken stellen zich tot doel de kwaliteit van de volbloed Texelaars zo veel mogelijk te verbeteren. Het fokdoel, dat hierbij aansluit, gaat uit van:
- een volwassen ooi werpt gemiddeld 2 lammeren per worp;
- snelle groei van de lammeren;
- behoud van goede moedereigenschappen;
- optimalisatie van de karkaskwaliteit.

Worpgrootte:
De lengte van de bronstperiode van volwassen Texelaar ooien is bijna 5 maanden.
De Texelaar ooien worden voor de eerste keer bronstig op een leeftijd van 7 maanden. Het belangrijkste kenmerk is de totale lammerenproduktie per jaar. Deze is het resultaat van de worpgrootte en de frequentie van aflammeren.
De selectie op worpgrootte heeft geleid tot een goede lammerenproduktie.
De gemiddelde worpgrootte van 1-jarige Texelaar ooien is 1,25; voor 2-jarige ooien 1,70 en voor oudere Texelaar ooien 1,85 met een aflampercentage van 95. De verwachting is dat deze resultaten nog verder verbeterd kunnen worden door een intensieve selectie binnen het ras.
Om tot zeer goede resultaten te komen, is het gewenst, dat de schapenhouder de nodige aandacht geeft aan het aflammeren.
Groeisnelheid:
Dankzij de goede melkproduktie van de ooien en het uitstekende groeivermogen van de lammeren kan een goede groei bereikt worden van 250 gram per dag in de zoogperiode.
Tijdens de weideperiode wordt een gemiddelde groei behaald van 225 gram per dag. Bij het spenen (12 weken oud) is het gemiddelde gewicht van de lammeren 25 kilo, terwijl het gemiddelde levend eindgewicht bij slacht (24 weken oud) 44 kilo is.
Een verdere verbetering van de worpgrootte en het groeivermogen is alleen mogelijk als de moedereigenschappen van de ooien op het hoge niveau gehandhaafd blijven.
De melkproduktie van een Texelaar ooi is gemiddeld ruim voldoende om 2 lammeren groot te brengen.
Bij een goede voerkwaliteit en verzorging komen de moedereigenschappen van de ooien het beste tot hun recht.
De Texelaars zijn alom bekend om hun zeer goede karakter, vergen weinig arbeid tijdens de zoogperiode en zijn daarom plezierig om mee te werken.
Karkaskwaliteit:
De bevleesheid van de slachtlammeren wordt beoordeeld aan de hand van o.m. het classificatiesysteem SEUROP.
Het Texelaar ras is bekend om zijn uitstekende karkassamenstelling.
De schapen zijn zeer goed bevleesd en hebben een uitmuntende vlees/been-verhouding en een zeer lage vetbedekking.
Het aanhoudingspercentage varieert van 55 tot 60% en de gemiddelde dwarsdoorsnede van de lendenspier is 12 cm².
De karkassen bestaan gemiddeld uit 60% mager vlees.
De Texelaars hebben een duidelijk geringere vetbedekking dan andere rassen.
Het Texelaar slachtlam kan daarom over een langere periode afgezet worden met behoud van de slachtkwaliteit.